Hardenberg is een moordstad

SLAGHAREN - Vraag de Hardenberger van de maand augustus wat er zo mooi is aan Hardenberg en je krijgt een stortvloed aan superlatieven over je heen. Voor Gerrit Brokelman, is er geen mooiere plaats om in te wonen dan Hardenberg. De gemeente Hardenberg dan, want inmiddels woont de geboren en getogen Hardenberger alweer vijfentwintig jaar in de kern Slagharen.

“Hardenberg is voor mij een fantastische plaats. Als natuurliefhebber kan ik hier mijn hart ophalen”, begint hij. “Ik ben lyrisch over de Vecht. De liefde voor die rivier heb ik met de paplepel naar binnen gegoten gekregen van mijn vader. Iedere zaterdagochtend om vier uur stonden we op om te gaan vissen bij de Vecht. Daarbij ging het ons niet alleen om het vissen, maar ook om het vogels kijken, eieren zoeken en het genieten van de natuur. Daarnaast is Hardenberg een moordstad, er is altijd wel wat te doen. Ik heb respect voor de ondernemers, het bedrijfsleven en de stichting Hardenberg Promotie. Ook de mentaliteit van de Hardenbergers is fijn, het is een betrouwbare hardwerkende bevolking. Maar…”, voegt hij er lachend aan toe. “Diezelfde Hardenbergse mentaliteit heeft ook één klein minpuntje; ze zeggen vaak ‘ja’ als ze ‘nee’ bedoelen, en andersom. Je weet het, maar het blijft soms lastig.”

Als voormalig semiprofsporter reisde Brokelman over de hele wereld. Hij fietste wat af in zijn jonge jaren. Maar als hij op de terugweg naar huis voorbij Zwolle kwam, kreeg hij steevast een gevoel van rust over zich. “Als ik het bordje Ommen zag, dan wist ik: ik ben er bijna. Maar zag ik dan het bordje Hardenberg, dan dacht ik: hèhè, ik ben weer thuis.”

Buitenbeentje

Brokelman werd vijfenvijftig jaar geleden geboren in een gereformeerd vrijgemaakt arbeidersgezin. Hij was de derde in een rijtje van zeven. Van jongsafaan was hij een buitenbeentje, extravert en sportief. Nadat hij op zijn zeventiende voor het eerst een racefiets beklom, bleek hij een natuurtalent. Nog dat eerste seizoen eindigde hij in tweeënvijftig wedstrijden bij de eerste tien. Zijn talent bleef niet onopgemerkt en al snel kreeg hij een telefoontje van Gerard Peters, ploegleider van de destijds wereldberoemde Caballero-ploeg. De oudwielrenner herinnert zich het telefoontje nog als de dag van gisteren. “Ik werd er even helemaal stil van. De Caballero-ploeg van toen, is qua roem te vergelijken met het Ajax van tegenwoordig. Als je daarin als wielrenner kon meefietsen, dan was je wat.” En hij was wat. Jarenlang fietste hij als semiprof de sterren van de hemel in heel Europa. Ook in Hardenberg zoefden zijn banden over het asfalt. Zo werd hij maar liefst drie achtereenvolgende jaren de overwinnaar in de ronde van Hardenberg.

Op zijn achtentwintigste was het plotsklaps afgelopen. “Toen ik al mijn vrienden langs de lijn zag staan juichen terwijl ik een wedstrijd fietste, realiseerde ik mij opeens hoe betrekkelijk de wedstrijdsport eigenlijk is”, bekent hij. “Al die vrienden hadden een goede baan, maar ik werkte nog steeds parttime in de bouw en vulde mijn dagen met fietsen. Ik besloot dat het tijd werd om aan mijn toekomst te gaan werken. Ik was inmiddels getrouwd en had een dochter, dus leek het me belangrijk me daarop te concentreren.”

Razende reporter

Korte tijd later kreeg hij een aanstelling als huismeester bij De Praam, de toenmalige Stichting verzorging voor Bejaarden, tegenwoordig bekend als de Saxenburgh Groep.

En daar werkt hij nog steeds, zij het allang niet meer als huismeester, maar als coördinator op het servicebureau. Een mooie baan, maar zoals dat gaat bij enthousiastelingen, had Brokelman meer uitdaging nodig. Die zocht en vond hij. Als razende reporter reist hij kriskras door de gemeente Hardenberg om alle belangrijke en minder belangrijke gebeurtenissen vast te leggen per camera of op papier. Hij noemt zichzelf een gelukkig man. “Ik werk met veel plezier binnen de Saxenburgh Groep en kan in mijn vrije tijd journalistje spelen. Een mooiere combinatie kan ik me niet bedenken.”