Henk Brink, een echte Vechtdalfan

HOOGENWEG – Als ondernemer en oud-vrachtwagenchauffeur heeft Henk Brink al heel wat van de wereld gezien. Hoe mooi het elders ook is, als het aan hem ligt zal hij nooit ergens anders wonen dan binnen Hardenberg’s grenzen. “Het is hier geweldig”, vindt hij. “De rust, de natuur, de gemoedelijkheid. Ik ben echt fan van het Vechtdal.”

Vijfenveertig jaar geleden werd Henk Brink geboren in een flatgebouw aan de Krusebrink. De Vechtdalfan stamt uit een ondernemende familie en staat samen met zijn oom Geert en neef Henk aan het hoofd van het familiebedrijf Brink Transport, dat ver voor de tweede wereldoorlog door grootvader Brink in het leven werd geroepen. “Lang voordat er vraag was naar koeriersdiensten, zette mijn opa, die in De Krim woonde, lijndiensten op naar omliggende plaatsen als Hoogeveen, Coevorden, Hardenberg, Slagharen en omgeving. Op gezette tijden reed hij langs de boeren om goederen mee te nemen of af te leveren. Hij reed ook veel voor de Coöperatie en bracht allerlei goederen naar boeren in de omgeving”, vertelt hij.

Rondje om de kerk

“Of hij veel concurrentie had? Dat weet ik eigenlijk niet. Volgens mij was vrachtrijden iets dat destijds niet veel gebeurde. Het ging ook niet snel. In de beginperiode had hij maar één paard, dus als hij de ene dag naar Hoogeveen was geweest, dan kwam hij de volgende dag niet verder dan een rondje om de kerk, want het paard moest natuurlijk wel rusten. Later ging hij paarden lenen en waren er verschillende boerenknechten die bij hem een centje gingen bijverdienen.”

Marshallplan

Net toen het transportbedrijfje een beetje begon te lopen, brak de tweede wereldoorlog uit en werden de meeste paarden en wagens geconfisceerd door de Duitsers. “Mijn opa raakte alles kwijt, op één paard na en daarmee ging hij zo goed en zo kwaad als dat kon, gewoon door met zijn werk. Na de oorlog werd alles anders. Het gemotoriseerde verkeer was in opkomst en mijn opa kreeg via het Marshallplan een vrachtauto. Zo maakte hij een herstart met zijn transportbedrijf.”

Wavin

Met de komst van de Wavin braken er gouden tijden aan voor de transportondernemer. Hij werd vaste rijder voor de buizenfabrikant en groeide gelijk op met de Wavin, wat voor de transporteur inhield dat er steeds meer vrachtauto’s moesten worden aangeschaft. “Het ging zo hard dat hij het bijna niet bij kon houden, zeker omdat hij ook een dagje ouder werd. Inmiddels zaten mijn vader en twee ooms ook al in de zaak en besloot mijn opa het bedrijf aan hen over te doen. Kort daarna verongelukte één van mijn ooms met zijn vrachtwagen. Dat was een verschrikkelijke klap en dat altijd een rol heeft gespeeld in het bedrijf”, vertelt Henk. “Onze familie is heel erg close met elkaar, dus namen ze samen de zorg voor mijn tante en haar drie kinderen op zich. In de jaren 70 kwam er trouwens ook nog twee andere ooms in het bedrijf. Zij zijn inmiddels allemaal met pensioen. Alleen Geert is nog actief, samen met onze neef Henk en mijzelf.”

Consequenties

Dat Henk en Henk de zaak in zouden gaan, was niet vanzelfsprekend. Hoewel de familie tot dan toe altijd in goede harmonie samenwerkte, leek het de ooms geen goed idee om met zoveel broers en neven samen te werken en rieden hun kinderen aan om gewoon een baan te zoeken. Dus ging Henk aan de slag als vrachtwagenchauffeur bij Stegeman in Ommen en vond ook zijn neef elders emplooi. “Het leek hun aanvankelijk beter om de zaak aan vreemden te verkopen, maar toen het eenmaal zover was dat mijn vader en oom ermee wilden stoppen, konden ze het toch niet over hun hart verkrijgen om de zaak aan vreemden over te doen”, vertelt Henk. “Dus kwamen ze veertien jaar geleden bij ons en vroegen ons erover te denken toch in de zaak te komen. Dat was vlak voor onze vakantie. Nu gingen mijn neef en ik altijd al samen met onze gezinnen op vakantie, dus hadden we mooi de tijd om de zaken met elkaar en met onze vrouwen door te spreken en te bekijken wat de consequenties zouden zijn en hoe groot de voor- en de nadelen. Uiteindelijk ben ik in september 97, toen mijn vader eruit ging, hier begonnen en mijn neef een paar maanden later, toen mijn oom eruit ging.”

Ondernemer

Van meet af aan ging het de neven voor de wind. “Of wij nog een studie bedrijfskunde gedaan hebben?”, Henk schudt resoluut zijn hoofd. “Ondernemen kun je niet leren. Je bent ondernemer of je bent het niet, daarvoor studeren heeft geen zin”, stelt hij. Over de vraag wat de belangrijkste eigenschappen voor een ondernemer zijn, hoeft hij dan ook niet lang na te denken. “Je moet strategisch kunnen denken, charisma hebben, goed met mensen om kunnen gaan en goed kunnen rekenen. Vooral die eerste drie zaken zijn belangrijk. Je moet goed kunnen voelen wanneer je een toegevoegde waarde kunt bieden voor iemand en niet voor de quick winst gaan.” Die eigenschappen bezitten Henk en Henk beiden in ruime mate en wat ze nog niet wisten, leerden ze van de vorige generatie. “Gelukkig gaven onze vaders alleen raad als we erom vroegen. Ze hebben ons nooit in de nek gehijgd, maar alleen goedbedoeld advies gegeven en ons verder onze gang laten gaan. Dat vind ik knap van ze en daar zijn wij altijd heel blij mee geweest.”

Bedrijfsbelang

Net als hun vaders, kunnen ook de neven zakelijk goed met elkaar door één deur. Volgens Henk slaat er echt weleens een deur hard dicht, maar komen ze altijd uit op de gulden middenweg. “Dat je verschillende denkbeelden hebt, is alleen maar goed. Dat moet je onderkennen en respecteren. Zolang het bedrijfsbelang maar voorop staat is er niets aan de hand. Dat gaat bij ons super. We hebben veel liefde voor elkaar en zorgplicht Als er iets is met iemand van ons, dan zijn we er voor elkaar. Eén van mijn neven is bijvoorbeeld gehandicapt. Toen hij nog klein was, was het gezin voor mijn oom soms belangrijker dan de zaak. Dat accepteerden wij en we leerden daardoor ook relativeren: het leven bestaat uit meer dan geld verdienen alleen”, vindt hij. “Je moet het ook leuk hebben met elkaar. Wij zijn van oorsprong positieve mensen en houden van een grap en een grol. De familie Brink ziet het leven van de zonnige zijde, ook al is het niet altijd even eenvoudig.”

Stad Hardenberg Promotie

Tijd voor andere dingen is gemakkelijker gezegd dan gedaan, wanneer je werkweken hebt van vijftig à zestig uur. Toch houdt Henk behalve voor zijn hobby, het rijden met paard en wagen, ook nog tijd over voor bestuurswerk. Hij is secretaris van de Industriële Kring Hardenberg (IKH) en bestuurslid van de stichting Stad Hardenberg Promotie. In die hoedanigheid denkt hij niet alleen mee over het organiseren van evenementen en het motiveren van het bedrijfsleven om mee te draaien in de promotie van Hardenberg, maar organiseert hij ook de jaarlijkse Authentieke Rijtuigendag. En over promotie gesproken; er rijden ook maar liefst drie vrachtauto’s van Brink Transport rond met de logo’s van Gun Jezelf De Ruimte en Vechtdal Alle Tijd. “En in de vakantie? Dan kamperen we op één van de mooie campings in het Vechtdal”, lacht hij. “Tenminste, in de meivakantie. Dit jaar gaan we naar het Stoetenslagh. Daar kan ik me nu al op verheugen. Even weer een ander gedeelte van Hardenberg verkennen.”

Transfercentrum

De ondernemer is niet alleen plaatselijk actief, maar zit ook in de landelijke commissie van de organisatie Transport Logistiek Nederland (TLN). “Al met al veel nevenactiviteiten”, geeft hij toe. “Maar veel van mijn bestuurswerk heeft zijdelings te maken met mijn werk, dat geeft het bedrijf automatisch een dynamische uitstraling en dat werkt weer positief door op onze mensen. Binnen de TLN zet ik me in voor de CAO-onderhandelingen Daarnaast ben ik bezig met het opzetten van een Transfercentrum.”

Tweede Kamer

Het Transfercentrum is een nieuwe manier van omgaan met het sociale stelsel. Via een ingenieus systeem, dat werd bedacht en ontwikkeld binnen de IKH, kunnen werkgevers die om bezuinigingsredenen mensen moeten ontslaan, deze onderbrengen in het Transfercentrum, waar passend werk wordt gezocht met behoud van uitkering en een extra bonus van 15 procent. Dit idee is inmiddels overgenomen door een kring van ontwikkelaars zoals het UWV, CNV Vakmensen, gemeente Hardenberg, DION en inmiddels ook door het ministerie van SZW. Het plan is behandeld in de Tweede Kamer en maakt volgens Brink een redelijke kans om aangenomen te worden. “De zeventig procent van zijn laatstgenoten loon die een werkloze uitgekeerd krijgt van het rijk, vloeit terug in het Transfercentrum, daarvan kunnen we deze regeling weer bekostigen. Het mes snijdt bij deze regeling aan twee kanten: iemand die om welke redenen werkloos wordt, komt niet thuis te zitten met de kans in een sociaal isolement te raken, maar kan gewoon blijven werken. In die periode blijft hij beschikbaar voor zijn voormalig werkgever, die hem, zodra het weer beter gaat met het bedrijf, opnieuw kan aannemen.”

Talenten

Zelf een harde werker, heeft Henk grote bewondering voor andere noeste arbeiders, vooral als ze dat doen om een ideaalbeeld te volgen. “Ik heb geen respect voor mensen die veel vrijwilligerswerk doen om zichzelf op de borst te kloppen, maar mensen die zichzelf uitschakelen en helemaal voor het goede doel gaan vind ik super. Van die moeder Theresa’s of Leger des Heilsmensen kan ik mateloos bewonderen. Ik kijk nooit op tegen iemand met een hoge functie, maar wel tegen wat iemand doet met zijn functie. Neem als voorbeeld een zanger. Zo iemand kan mooi zingen en gebruikt zijn roem om te leven met sterallures òf zo iemand kan mooi zingen en zet zijn roem in voor War Child. Dat is het verschil. Iedereen heeft talenten en is verplicht die op zijn of haar manier aan te aan te wenden voor de maatschappij”, vindt hij. “ En wat mijzelf betreft? Er wordt weleens gezegd van: jij bent directeur, jij bent vast heel rijk." Hij schudt zijn hoofd. "Daar draait het niet om in het leven. Doe maar gewoon dan doe je gek genoeg. Ik draag ook gewoon een spijkerbroek, sta met mijn voeten in de klei en dan is het ‘d’ran met de lippe’. Gaan waar je voor staat.”
Henk Brink is ook één van de bedenkers van de AfbouwBox. Nieuwsgierig? Klik dan hier: